Alleen nog contracten voor bepaalde tijd?

Contracten voor onbepaalde tijd zullen binnen enkele jaren verdwijnen. Werkgevers hebben andere behoeften en willen mensen alleen nog voor bepaalde tijd inhuren.
Dat zegt Jos Zandhuis, consultant en partner bij Boer & Croon.


Volgens Zandhuis hebben bedrijven in veranderende markten er steeds minder belang bij om zich lang te binden aan mensen: ‘Ze kijken steeds vaker naar welke kennis en kunde nodig is in de fase waarin het bedrijf zich op dát moment bevindt. Als je een product ontwikkelt, heb je andere kennis nodig dan wanneer je moet bezuinigen. Het is makkelijker om de mensen precies op de juiste tijd in te huren, dan dat je hele volksstammen probeert steeds bij te schaven.’
Het gaat er dus niet om dat je mensen opleidt naar een bepaalde functie, maar dat je ze kant en klaar inhuurt. ‘Je kijkt dus meer naar wat iemand al eerder heeft gedaan. Hoe eerder hij kan beginnen, hoe beter.’

Niet voor iedereen
Deze trend is niet voor iedereen weggelegd. ‘Je ziet al een paar jaar dat CEO’s maar een jaar of drie blijven. Nu sijpelt dat langzaam door naar het middenkader. Waar je het het minst ziet, is het uitvoerende kader. Met simpel administratief werk valt weinig winst te behalen om mensen van het ene bedrijf naar het andere te laten gaan. Maar naarmate een onderneming meer kennisintensief wordt, zal de trend ook onderin de organisatie te voelen zijn.’

Focus op korte termijn?
Is het gevaar niet dat bedrijven alleen nog maar nadenken over wat ze op de korte termijn nodig hebben? ‘Het wordt wel wat Amerikaanser, ja. Maar ondernemingen hebben ook geleerd dat het lastig is om de horizon verder te leggen dan drie jaar. Verder kijken dan dat kan eigenlijk niet. De markt is ook minder voorspelbaar geworden.’

Verandering voor HR
Bovengenoemde trend heeft ook gevolgen voor het werk van HR-professionals. ‘Kijk je bijvoorbeeld naar opleidingen, dan denk ik dat mensen daar steeds meer zelf verantwoordelijk voor worden. En als bedrijven het wel zelf blijven doen, dan zullen die opleidingen steeds vaker buiten de deur gedaan worden. In bedrijven wordt steeds meer kennis gevraagd en bedrijven zijn nooit groot en divers genoeg om dat allemaal aan te kunnen bieden. Het is niet meer te betalen en je kunt het niet meer op het juiste niveau krijgen.’

Krappe arbeidsmarkt
Hoe valt de trend te rijmen met een krappe arbeidsmarkt? Wanneer je mensen aan je moet binden, doe je dat toch niet met tijdelijke contractjes? Dat klopt, zegt Zandhuis, ‘daarom moet je die mensen ook op een andere manier aan je binden. Niet vastspijkeren in vaste contracten, maar een interessante en uitdagende functie bieden. Leuke collega’s zijn ook belangrijk. En je moet ze faciliteren in hun werk. Niet standaard een laptop aanbieden, want young professionals hebben wellicht heel andere wensen. Geef ze een bepaald bedrag, en zorg dat je ict-afdeling zich daaraan aanpast.’

Tip voor bedrijven
Dat faciliteren is wellicht het belangrijkste dat bedrijven moeten doen: ‘Bedrijven moeten af van de standaard procedures, en af van het idee dat iedereen in hetzelfde systeem moet. Stimuleer maatwerkconstructies. Nu zijn er twee afdelingen die vaak het hele bedrijf remmen: ICT en HR. Dat komt omdat die altijd alles willen standaardiseren en gelijktrekken. Daar moeten we van af.’

Bron: P&Oactueel.

Spaarloon maakt plaats voor vitaliteitsregeling

Het was al aangekondigd in het regeerakkoord van het kabinet-Rutte: de spaarloonregeling zal plaatsmaken voor een vitaliteitsregeling. Wat houdt de nieuwe regeling precies in? Het kabinet lichtte onlangs een tipje van de sluier op. Bij de spaarloonregeling wordt door de werkgever op het brutoloon van de werknemer een spaarbedrag ingehouden, dat wordt gestort op een geblokkeerde spaarrekening. Dit spaarbedrag noemen we spaarloon.

In het regeerakkoord stond al dat de spaarloonregeling zal opgaan in de vitaliteitsregeling. De nieuwe regeling is vooral op arbeid gericht en ondersteunt in zorgtaken, het volgen van scholing, het opzetten van een eigen bedrijf, demotie of deeltijdpensioen. De regeling kan niet worden gebruikt voor vervroegd uitreden.

Participatie
Het kabinet vindt de nieuwe regeling noodzakelijk om dreigende tekorten op de arbeidsmarkt te beperken en het sociale stelsel betaalbaar te houden. Daarvoor zullen de gelden die nu worden gebruikt voor de levensloop- en spaarloonregeling worden ingezet ter bevordering van de participatie van ouderen en een nieuwe spaarregeling.

Hoewel de precieze invulling van de vitaliteitsregeling pas op Prinsjesdag wordt bekendgemaakt, heeft het kabinet onlangs een tipje van de sluier opgelicht. De belangrijkste maatregelen op een rij.

Bedrijven krijgen een mobiliteitsbonus voor het in dienst nemen van een 55-plusser; de bonus wordt verhoogd als iemand uit een uitkering komt.

De huidige financiële prikkels voor ouderen om langer door te werken (ouderenkorting en doorwerkbonus) worden omgezet in één werkbonus voor 62-plussers om juist hén te stimuleren langer door te werken.

Werknemers komen eerder in aanmerking voor aftrek voor scholingsuitgaven; de fiscale drempel gaat omlaag.

Het kabinet wil dat de scholing vanuit sectorale scholingsfondsen (O&O-fondsen) wordt verbreed naar andere sectoren. Het kabinet is bereid daar extra geld voor uit te trekken.

Sociale partners en scholingsfondsen krijgen de mogelijkheid gebruik te maken van de Europese subsidieregeling ESF om duurzame inzetbaarheid te bevorderen.

Er komt een nieuwe spaarregeling waarmee deelnemers een financiële buffer kunnen opbouwen. Tot nu toe werd het spaargeld in de huidige levensloopregeling vooral gebruikt om eerder te stoppen met werken, maar het kabinet vindt dat niet langer wenselijk. De nieuwe spaarregeling kan onder andere ingezet worden om de overgang naar een andere baan zo soepel mogelijk te laten verlopen. Het kabinet komt met een overgangsregeling voor de bestaande levensloopregeling.

Het kabinet wil dat sociale partners afspraken maken over een 'van-werk-naar-werk-budget' voor werknemers. Dit helpt werknemers die met ontslag bedreigd worden om via scholing een nieuwe baan te vinden. Het budget zou binnen sectoren gezamenlijk gefinancierd worden en in cao's vastgelegd moeten worden. Het kabinet realiseert zich dat dit een extra inzet, ook financieel, van de sociale partners vraagt en is bereid hen daarin tegemoet te komen. Het komende jaar wil het kabinet hierover afspraken maken met de sociale partners.

Bron: SZW