Waarom is de werknemer toch zo boos?

De economie heeft de wind mee, de arbeidsmarkt trekt aan en er wordt weer geïnvesteerd. Iedereen blij en gelukkig, zou je denken. Het tegendeel is waar. De werknemer is boos.

Maar liefst 36 procent van de werknemers voelt zich angstig en pessimistisch en gaat met weinig zelfvertrouwen aan het werk. Het gevoel autonoom te kunnen werken, neemt af. Dit is de voornaamste reden waardoor mensen op de werkvloer energie verliezen.

Mentale, emotionele en sociale energie

Dat blijkt uit het onderzoek De energie van werkend Nederland in 2017. Dit onderzoek, uitgevoerd door EnergyFinder in samenwerking met onderzoeksbureau Integron, voelde 4.400 werknemers aan de tand over hun mentale, emotionele en sociale energie.

Vier energiezones

EnergyFinder deelt werknemers in in vier energiezones: de zinzone, de comfortzone, de hyperzone en de zombiezone. Wie vooral werknemers in de zinzone heeft, heeft het goed voor elkaar. Dit is de energiezone van mensen die zin hebben om te leren en te groeien. In deze zone vindt je de ambitieuze werknemers die goed met elkaar samenwerken en daar wordt beduidend beter gepresteerd. Al jaren zit ongeveer een op de vijf Nederlandse werknemers in deze zone.

32 procent in comfortzone

De comfortzone is aanmerkelijk groter, al is hij sinds 2015 flink gekrompen. In deze zone zitten de mensen die zich niet gek laten maken. Ze vinden het allemaal wel best zo en hopen dat er niet veel verandert. Ze zijn dan ook niet geneigd om tijd en energie in verandering te steken. In 2015 zat nog 41 procent van de werknemers in deze zone, inmiddels is dat percentage gedaald tot 32 procent.

Zombiezone wordt groter

Wie vooral werknemers in de zombiezone heeft, mag zijn borst nat maken. Dit is de zone van de mensen die hun tijd uitzitten. Ze voelen zich afgedankt en het slachtoffer van de omstandigheden en hebben geen enkele hoop op verbetering. Waar in 2016 8 procent van de werknemers in de zombiezone zat, is dat percentage nu gestegen naar 10 procent.
De meeste Nederlandse werknemers kunnen worden gerekend tot de hyperzone. Dat betekent dat 38 procent van de werknemers onder grote druk staat. Zij kennen continue stress en langdurige werkdruk.

Drie knoppen in het brein

“Het brein kent drie knoppen”, illustreert Patrick Davidson, medeoprichter van EnergyFinder en coauteur van het boek Waar haal je de energie vandaan?. “Het gaat over de kwaliteit van energie. De blauwe knop zet mensen op de automatische piloot. De rode knop betekent alarm. Nuttige knoppen, die bovendien vanzelf ‘aan’ staan. De groene knop is de enige die je zelf moet activeren. En juist die zorgt voor groei, leren en ontwikkelen. Voor het eerst in vijf jaar is nu de rode knop het grootst. Zelfs de meest positief ingestelde mensen die hun energie vorig jaar een 8,5 gaven, geven nu nog maar een 7,8. Je ziet een grotere boosheid en een bredere onderstroom die niet positief is. En dat ondanks een aantrekkende economie.”

Jongeren minst energiek

Het is overigens niet alleen maar somberheid troef op de Nederlandse werkvloer. De verschillen tussen branches zijn groot. Een positieve uitschieter is de installatiebranche. Hier zegt 35 procent van de werknemers met zin aan het werk te zijn.
Een opmerkelijke uitkomst van het onderzoek is dat vooral jongeren met tegenzin naar hun werk gaan. Slechts 14 procent zit in de zinzone. Een heel ander beeld laten 60-plussers zien: 35 procent staat elke dag weer te popelen om de mouwen op te stropen en aan de slag te gaan.
Directie en managers zijn gemiddeld twee keer zo positief als ondersteunende staf, waarvan slechts 17 procent in de zinzone zit.
Op dit moment krijgt werkend Nederland met name energie van een vertrouwde werkomgeving (66%), van gedrevenheid (ook wel drive genoemd: 65%) en empathie (65%)
bron: PW DeGids
.

Arbeidsmarkt heeft grote invloed op stemkeuze


De helft van de Nederlandse kiesgerechtigden (48 procent) weegt in zijn of haar stemkeuze voor de aankomende verkiezingen de plannen mee die politieke partijen hebben voor de arbeidsmarkt.
Dat blijkt uit recent onderzoek van vacaturesite Indeed, uitgevoerd in samenwerking met onderzoeksbureau Team Vier.
Politiek neemt problemen van werkenden niet serieus
Voor het onderzoek zijn kiezers bevraagd over wensen en verwachtingen met betrekking tot het onderwerp ‘arbeidsmarkt’ als politiek thema.
Meer dan de helft van de kiezers (55 procent) is van mening dat de politiek de huidige problemen van werkenden niet serieus neemt. Slechts 26 procent vindt het tegenovergestelde. Opvallend is dat 42 procent van de stemgerechtigden niet weet welke partij voor hem of haar het beste verkiezingsprogramma met betrekking tot de arbeidsmarkt heeft.
Werkloosheid blijft de grootste zorg
Indeed zette op basis van de onderzoeksresultaten op een rij welke arbeidsmarktthema’s volgens de Nederlandse kiezers de meeste prioriteit hebben.
  • Bijna een kwart (23 procent) vindt de werkloosheid in het algemeen het belangrijkste onderwerp als het gaat om de arbeidsmarkt.
  • Gelijke salarissen voor mannen en vrouwen met dezelfde functie wordt door zestien procent als topprioriteit gezien.
  • Voor veertien procent is jeugdwerkloosheid het belangrijkste thema.
Grootste uitdagingen voor de arbeidsmarktDe genoemde onderwerpen zijn volgens de kiezers ook de grootste uitdagingen op de arbeidsmarkt. De werkloosheid in het algemeen wordt door 23 procent als grootste uitdaging gezien, gevolgd door jongerenwerkloosheid (volgens dertien procent van de kiezers), gelijke salarissen voor mannen en vrouwen met dezelfde functie (elf procent) en het in dienst nemen van 50-plussers (eveneens elf procent).
Meer dan de helft van de stemgerechtigden (53 procent) denkt overigens dat politici niet goed op de hoogte zijn van de problemen en zorgen die spelen onder werkenden. Slechts een op de drie kiezers vindt het tegenovergestelde.
Niet bang dat robot baan overneemt
Als het gaat om de toekomst, verwacht 67 procent van de kiezers dat automatisering de komende tien jaar een grote invloed zal hebben op de arbeidsmarkt. Toch vreest deze groep niet voor zijn of haar eigen baan.
Op de vraag ‘Hoe groot acht u de kans dat uw baan over tien jaar wordt vervangen door techniek?’, noemt 57 procent van de werkzame kiesgerechtigden die kans klein. Slechts veertien procent acht de kans groot dat dit wel gebeurt en 29 procent weet het niet.
bron: Personeelsnet